Aardwarmteprojecten testen op ware schaal in Rijswijk

Geplaatst op 29-04-2021 door Stichting Warmtenetwerk

Aardwarmte heeft de toekomst. Maar die toekomst moet nog wel worden verkend. In Rijswijk is sinds maart 2020 een uniek laboratorium op het gebied van aardwarmte actief. Warmtenetwerk ging praten met Frank van Bergen, programmamanager.

 

De verwachtingen rond aardwarmte zijn hooggespannen. Deze onderaardse bron van duurzame energie kan volgens velen een sleutelrol gaan spelen in de energietransitie. Naar verwachting zal geothermie in 2050 ongeveer 25 procent, ofwel 200 petajoule, van de totale warmtevraag van Nederland kunnen afdekken. Nu produceert Nederland 3,5 petajoule aan aardwarmte per jaar.

Voor het zover is, moet nog veel gebeuren. Boortechnieken kunnen efficiënter. De kosteneffectiviteit kan beter. Veiligheid en draagvlak verdienen nadere aandacht. Om al deze vragen in kaart te brengen en te beantwoorden, en zo de ontwikkeling van aardwarmte te versnellen, hebben het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, Energie Beheer Nederland, de Provincie Zuid-Holland, de gemeente Rijswijk en TNO in 2020 het Rijswijk Centre for Sustainable Geo-Energy (RCSG) opgericht. Onlangs hebben deze initiatiefnemers zich nogmaals tot 2024 aan het centrum verbonden.

 

Geavanceerd laboratorium
In het RCSG kunnen bedrijven die actief zijn op het gebied van aardwarmte gebruik maken van een geavanceerd laboratorium. Het herbergt twintig installaties die alle aspecten van boren in de ondergrond bestrijken. Bijna alle ondergrondse condities in Nederland kunnen worden nagebootst. Ook kunnen nieuwe boortechnieken en materialen worden uitgeprobeerd. In Rijswijk staat een grote boorinstallatie boven een bijna 400 meter diepe boorput. Er zijn hydraulische persen van 300 en 400 ton, drukvaten tot 1.000 bar, en er liggen diverse leidingstelsels waarin vloeistoffen kunnen worden gepompt en getest. 

“We voeren hier op grote, levensechte schaal experimenten in de ondergrond uit met boringen en diepe putten,” zegt dr. Frank van Bergen, programmamanager. “En hoewel geothermie voorop staat, kijken we ook verder. We onderzoeken bijvoorbeeld de mogelijkheden van ondergrondse opslag van warmte, CO2 en waterstof. Voor alles waarbij een boring komt kijken, kun je een beroep op het RCSG doen.”

 

Een veelzeggende verandering
Het RCSG is gevestigd in het voormalige onderzoekslab van Shell op het Kesslerpark in Rijswijk. Deed Shell daar vooral onderzoek naar de winning van fossiele delfstoffen als olie en gas, nu gaat het primair om duurzame energiebronnen. Een veelzeggende verandering, zegt Van Bergen. “We willen bewust een open innovatielaboratorium zijn voor alle partijen die zich inzetten voor de versnelling van de transitie naar een duurzaam energiesysteem. We richten ons daarbij sterk op innovatie, op oplossingen voor bestaande en nieuwe vragen. Die innovaties willen we ook sneller naar de markt brengen. Door innovatie zal het mogelijk zijn om de kosten te verlagen en geothermie sneller te ontplooien in Nederland.”

Het afgelopen jaar is het RCSG goed op de rails gezet. Het is nog net iets te vroeg om concrete onderzoeksresultaten te melden: de installaties zijn gereed gemaakt voor diverse onderzoeken, onder meer naar druk en temperatuur op grote diepte, diverse soorten boortechnieken, vloeistofgedrag, drukopbouw en warmteverlies. Wel is er al van alles gaande. Van Bergen: “Een concreet voorbeeld is een onderzoeksproject waarin we kijken of we cement in en rond de boorput kunnen vervangen door natuurlijke materialen. Ook zijn we volop nieuwe boortechnieken aan het testen.” 

 

Een unieke combinatie
Het mooie is dat bedrijven via het RCSG gebruik kunnen maken van moderne faciliteiten die anders niet of moeilijk toegankelijk zijn, vanwege de hoge investeringen. Wie dus wil experimenteren met nieuwe boortechnieken en materialen, kan hier terecht, eventueel ook in samenwerking met andere bedrijven en kennisinstellingen. Nederland heeft met dit onderzoekscentrum iets unieks in huis. In Italië, Singapore en de VS zijn vergelijkbare centra, maar ‘Rijswijk’ is enig in zijn soort vanwege de bijzondere combinatie van faciliteiten. Van Bergen: “De combinatie van een eigen diepe onderzoeksput, een eigen boorplatform en laboratorium en alle mogelijke testfaciliteiten zie je nergens anders.” Het fieldlab kijkt dan ook nadrukkelijk over de Nederlandse grens. “We richten ons ook op de internationale markt en hebben internationale ambities.”

Hoe zit het met de warmtebedrijven? Hebben die de weg naar Rijswijk al gevonden? Van Bergen: “We zijn in gesprek. Het is ons doel om de aansluiting met de warmtesector nadrukkelijk tot stand te brengen. Zelf ben ik bijvoorbeeld bezig met warmteopslag, dat kan een brug zijn naar die bedrijven.” Hij verwacht dat bepaalde innovaties sterk zullen appelleren aan de belangstelling van warmtebedrijven, zoals de systeemintegratie van warmtenetten met geothermie en zonthermie en warmteopslag. “Ook vernieuwingen rond materiaalkeuze en andere bronconcepten zijn veelbelovend.”

De geothermiebranche is een relatief jonge sector. Maar het is een sector die sterk in ontwikkeling is en een grote toekomst tegemoet gaat, zei Sandor Gaastra (directeur-generaal Ministerie van Economische Zaken en Klimaat) bij de officiële opening van het RCSG op 5 maart 2020. “Een laagdrempelige mogelijkheid om te experimenteren met nieuwe technieken en materialen biedt kans om die ontwikkeling fors te versnellen.” Die laagdrempeligheid is minstens zo belangrijk als de innovaties. Het RCSG werkt momenteel ook nog aan een nieuw informatie- en educatiecentrum, mede gericht op een breder publiek.

 

Op de foto:

  1. Opening RCSG (v.l.n.r.) Armand van de Laar, wethouder gemeente Rijswijk, Sandor Gaastra, directeur-generaal bij het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, Ton de Jong, directeur TNO EnergieTransitie, Berend Potjer, gedeputeerde energie, provincie Zuid-Holland en Jan Willem Hoogstraten, ceo Energie Beheer Nederland (EBN).

  2. Frank van Bergen

  3. RCSG binnenkant (foto Floris Scheplitz)

  4. RCSG buitenkant (foto Floris Scheplitz)

Auteur:
Edwin Lucas

Lees ook onze andere berichten