De gemeenten Heemskerk en Beverwijk ondertekenden 26 maart 2026 samen met warmtebedrijf HVC en woningcorporaties Woonopmaat en Pré Wonen een intentieovereenkomst voor een gezamenlijk haalbaarheidsonderzoek naar een warmtenet. Het onderzoek richt zich op Beverwijk-Noord en de Componisten- en Schrijversbuurt in Heemskerk.
Met deze stap verkennen de betrokken partijen of een collectieve warmtevoorziening een realistisch, betaalbaar en toekomstbestendig alternatief kan zijn voor individuele oplossingen zoals warmtepompen. Een besluit over daadwerkelijke aanleg volgt pas na afronding van het onderzoek, dat naar verwachting eind 2026 gereed is.
De verkenning sluit aan bij bredere ontwikkelingen in de regio IJmond, waar HVC al langer werkt aan de opbouw van een regionaal warmtenet. In deze regio wordt gekeken naar het benutten van duurzame warmtebronnen, zoals restwarmte uit industrie en afvalverwerking. Door vraag en aanbod op grotere schaal te koppelen, kan een robuuster en efficiënter systeem ontstaan.
Regionaal netwerk
Een warmtenet in Beverwijk en Heemskerk zou in de toekomst mogelijk kunnen aansluiten op zo’n regionaal netwerk. Daarmee ontstaat niet alleen schaalvoordeel, maar ook meer flexibiliteit in bronnen en leveringszekerheid. Dit soort koppelingen wordt in steeds meer regio’s gezien als een belangrijke voorwaarde voor succesvolle uitrol van collectieve warmte.
De betrokkenheid van woningcorporaties Woonopmaat en Pré Wonen is van groot belang voor de haalbaarheid van het project. In de onderzochte wijken bezitten zij een aanzienlijk deel van de woningvoorraad. Dat maakt het mogelijk om in één keer grotere groepen woningen aan te sluiten, wat de businesscase van een warmtenet aanzienlijk kan verbeteren. Tegelijkertijd kijken de corporaties nadrukkelijk naar de gevolgen voor hun huurders. Betaalbaarheid is een belangrijk criterium: de overstap naar een warmtenet mag niet leiden tot hogere woonlasten. Ook comfort en betrouwbaarheid spelen een grote rol in de afweging.
Onderzoek
De komende maanden wordt het warmtenet op verschillende aspecten onderzocht. Allereerst wordt gekeken naar de technische haalbaarheid: zijn de woningen geschikt voor aansluiting, en welke infrastructuur is nodig? Daarnaast wordt de beschikbaarheid van duurzame warmtebronnen onderzocht, evenals de mogelijkheden om deze op termijn uit te breiden of te combineren.
Minstens zo belangrijk is de financiële kant. De aanleg van een warmtenet vraagt om forse investeringen in leidingen, installaties en bronnen. Tegelijkertijd moeten de uiteindelijke kosten voor bewoners acceptabel blijven. Daarom wordt ook gekeken naar de ontwikkeling van de energierekening en de vergelijking met alternatieve oplossingen.
Tot slot speelt de organisatie van het systeem een rol. Wie wordt eigenaar van het net? Hoe wordt het beheer ingericht? En hoe worden risico’s verdeeld tussen publieke en private partijen? Dit soort vragen zijn essentieel voor een succesvolle implementatie.
Zorgvuldig proces
Volgens de betrokken bestuurders staat zorgvuldigheid centraal in het proces. Wethouder Suzanne Klaassen van Beverwijk noemt het onderzoek een belangrijke stap: “We willen zorgvuldig onderzoeken of dit voor deze wijken een toekomstbestendige en betaalbare oplossing kan zijn. Pas daarna nemen we een besluit.”
Ook wethouder Piet Burgering van Heemskerk benadrukt het belang van het proces en de duidelijkheid voor inwoners: “De overstap naar aardgasvrij wonen vraagt om goede keuzes. Met dit onderzoek brengen we helder in kaart wat mogelijk is en wat dat betekent voor inwoners.”
Bewoners worden gedurende het traject geïnformeerd via de gemeentelijke kanalen. Hoewel het warmtenet een belangrijke optie is, blijft het voor huishoudens mogelijk om te kiezen voor individuele oplossingen, zoals een (hybride) warmtepomp. De gemeenten benadrukken dat er geen sprake is van een verplichting, maar van een zorgvuldige afweging tussen verschillende routes naar aardgasvrij wonen.
Besluitvorming eind 2026
De resultaten van het haalbaarheidsonderzoek worden eind 2026 verwacht. Op basis daarvan besluiten de gemeenten en partners of zij doorgaan met de verdere uitwerking en mogelijke realisatie van het warmtenet. Daarmee vormt dit onderzoek een belangrijke schakel in de lokale warmtetransitie. In de tussentijd roepen de gemeenten bewoners op om alvast stappen te zetten richting energiebesparing, bijvoorbeeld door isolatie of de overstap naar elektrisch koken. Zulke maatregelen leveren vaak direct voordeel op in comfort en energiekosten, ongeacht de uiteindelijke keuze voor een warmtevoorziening.
