Ga naar inhoud

Nieuws

7 mei 2026

Nationaal Warmtenet Trendrapport 2026

  • overig

Warmtenetten op kantelpunt – veel beweging, maar opschaling blijft achter

Warmtenetten in Nederland staan op een kantelpunt en worden steeds vaker gezien als onderdeel van een breder energiesysteem. Ze kunnen helpen om het elektriciteitsnet te ontlasten en vraag en aanbod van warmte en energie beter op elkaar af te stemmen. Toch gebeurt dat in de praktijk nog niet vanzelf. Veel gemeenten denken wel na over systeemintegra­tie, maar doen dit nog niet structureel. Tegelijk neemt het aantal plannen voor lage- en zeerlagetemperatuur warmtenetten sterk toe en groeit het aantal aansluitingen licht, vooral in de nieuwbouw. Dat – en meer – blijkt uit het Nationaal Warmtenet Trendrapport 2026.

Uit de enquête die voor het rapport gehouden is onder bewoners met een warmtenetaansluiting komt een gemengd beeld naar voren: 67% is tevreden of neutraal, terwijl 76% betaalbaarheid als grootste knelpunt ervaart. Dit past in een breder beeld waarin 71% van de Nederlanders de energierekening als hoog beschouwt. Onvrede over kosten speelt breder dan alleen bij warmtenetten.

Daarbij komt dat energie steeds vaker wordt benaderd als een vraagstuk van leveringszekerheid en strategische onafhankelijkheid. De afhankelijkheid van fossiele brandstoffen uit het buitenland maakt Nederland kwetsbaar, zeker wanneer energie geopolitiek wordt ingezet. Gijs Zeestraten, waarnemend directeur NPLW: “Dit leidt tot onzekerheid en hogere kosten voor burgers en bedrijven. Het verkleinen van deze afhankelijkheid is daarom essentieel. Warmtenetten kunnen hierin een belangrijke rol spelen, onder meer door gebruik te maken van lokale, hernieuwbare bronnen. De vraag is dan ook hoe deze ontwikkeling sneller kan worden opgeschaald en de grootste knelpunten voor het ontwikkelen van warmtenetten kunnen worden verholpen.”

Het Nationaal Warmtenet Trendrapport 2026 gaat specifiek in op de ontwikkeling van warmte. Wat valt op?

 

Geïntegreerd energiesysteem

Warmtenetten worden steeds vaker gezien als onderdeel van een breder energiesysteem, waarin elektriciteit, gas en warmte elkaar aanvullen. Ze kunnen bijdragen aan het verminderen van netcongestie en het balanceren van vraag en aanbod. Deze integrale benadering wordt nog niet structureel toegepast: 42% van de gemeenten denkt er wel over na maar mist duidelijke handvatten.

Aantal aansluitingen

Het aantal warmtenetaansluitingen neemt licht toe, vooral in de nieuwbouw. De grootste uitdaging ligt in de bestaande bouw, waar de aansluitgraad sterk achterblijft, met name bij oudere woningen en complexe eigendomsstructuren zoals VvE’s. Tegelijk daalt het warmteverbruik per aansluiting gestaag, waarschijnlijk door isolatie en veranderingen in gedrag.

Ontwikkeling warmtenetten

Er zijn 150 warmtenetprojecten in ontwikkeling bij gemeenten, goed voor meer dan 560.000 geplande aansluitingen. Tegelijk loopt 37% van de projecten vertraging op of wordt stopgezet. Randvoorwaarden zoals betaalbaarheid en acceptatie onder bewoners zijn nog onvoldoende op orde. In de plannen voor warmtenetten is een duidelijke verschuiving zichtbaar naar lage- en zeerlagetemperatuurnetten. Ook de bronnenmix verbreedt: geothermie, aquathermie, bodemenergie, zonthermie en WKO winnen terrein.

 

Publieke regie

De warmtesector beweegt richting meer publieke regie. Gemeenten en regio’s nemen vaker het initiatief via publieke warmtebedrijven, terwijl private partijen hun rol herpositioneren. Gemeenten bouwen al ervaring op met hun regierol.  In het warmteprogramma maken gemeenten keuzes. Met de Wcw krijgen gemeenten onder andere bevoegdheden om warmtekavels vast te stellen en warmtebedrijven aan te wijzen.

 

Betaalbaarheid

Hoewel warmtenetten op veel plekken de oplossing zijn met de laagste maatschappelijke kosten, blijft grootschalige uitrol lastig door knelpunten in onder meer financiering, betaalbaarheid en acceptatie.

De ontwikkeling van warmtenetten staat niet op zichzelf, maar hangt nauw samen met bredere keuzes in het energiesysteem, zoals de omgang met netcongestie, infrastructuurkosten en daardoor betaalbaarheid voor eindgebruikers. Tjark de Lange, voorzitter Stichting Warmtenetwerk: “De energierekening gaat veranderen in de toekomst: vaste kosten van gas, elektra en warmte nemen toe en vormen een steeds groter deel van de totale kosten. Het zou goed zijn om in beleid te sturen op betaalbaarheid en de samenhang tussen energiedragers centraal te stellen. Zo kan collectieve warmte daadwerkelijk als lonkend perspectief gepositioneerd worden.”

 

Doorvertaling naar beleid en uitvoering

Het rapport laat goed zien dat zowel op korte als lange termijn er veel mogelijk is voor warmtenetprojecten. Er zit een diversiteit aan projecten in de pijplijn, nieuwe wetgeving biedt meer duidelijkheid en gemeenten doen steeds meer ervaring op in hun regierol. Overheid, warmtesector en alle partners moeten het huidige momentum benutten; doorpakken én versnellen op de ingeslagen weg.

Lees hier het Nationaal Warmtenet Trendrapport 2026.

 

Het Nationaal Warmtenet Trendrapport 2026 is uitgevoerd door Berenschot, in opdracht van Stichting Warmtenetwerk en NPLW. Het onderzoek is gebaseerd op input van 44 gemeenten, 26 woningcorporaties, 5 warmtebedrijven en 2.850 bewoners met een warmtenetaansluiting.