De aanleg van energie-infrastructuur in Nederland duurt vaak vele jaren. Dat geldt ook voor warmtenetten, die een belangrijke rol spelen in het verduurzamen van wijken. Toch kan het veel sneller. Uit een recent rapport van adviesbureau Arcadis blijkt dat de doorlooptijd van energieprojecten in de praktijk met 50 tot 75 procent kan worden verkort. De sleutel ligt niet in nieuwe wetgeving, maar in een andere manier van samenwerken, plannen en organiseren.
Voor de warmtesector kan dat grote gevolgen hebben. Gemeenten werken aan warmteprogramma’s en de komende jaren moeten veel nieuwe warmtenetten worden ontwikkeld. Kortere voorbereidingstijden kunnen de uitrol van collectieve warmte aanzienlijk versnellen. De realisatie van energieprojecten kent vaak een lange aanloop. Tussen het eerste plan en de start van de bouw kan gemakkelijk acht tot tien jaar zitten. In die periode worden onderzoeken uitgevoerd, vergunningen voorbereid en besluitvorming doorlopen. Daarnaast kunnen bezwaarprocedures projecten nog verder vertragen.
Anders werken
Volgens Arcadis hoeft dat echter geen gegeven te zijn. In verschillende projecten in binnen- en buitenland blijkt dat de doorlooptijd aanzienlijk korter kan zijn wanneer partijen anders werken. In sommige gevallen werd de voorbereiding zelfs met driekwart verkort. Voor warmtenetten zou dat een belangrijke versnelling betekenen. De aanleg van warmte-infrastructuur is complex en vraagt om intensieve samenwerking tussen gemeenten, warmtebedrijven, netbeheerders en bewoners. Wanneer procedures jaren duren, vertraagt dat de verduurzaming van hele wijken.
Risico’s delen
Een van de belangrijkste factoren voor snellere projecten is een gedeeld gevoel van urgentie. Als alle betrokken partijen het belang van een project erkennen, ontstaat er meer ruimte om knelpunten pragmatisch op te lossen. Dat vraagt om nauwe samenwerking tussen overheden, ontwikkelaars en andere betrokken organisaties.
Daarnaast blijkt dat vertrouwen tussen partijen cruciaal is. In projecten waar samenwerking goed is georganiseerd, kunnen besluiten sneller worden genomen en is er meer bereidheid om risico’s te delen.
Parallel werken
Een andere belangrijke oorzaak van lange doorlooptijden is de manier waarop projecten vaak worden georganiseerd. Veel procedures worden nog steeds na elkaar uitgevoerd. Eerst worden vergunningen voorbereid, daarna worden contracten afgesloten en pas daarna start de verdere uitwerking van het project. Volgens Arcadis kan hier veel tijd worden gewonnen door processen parallel te laten verlopen. Wanneer vergunningprocedures, contractvorming en technische voorbereiding tegelijkertijd worden opgepakt, kan de totale projectduur aanzienlijk worden verkort.
Betrek bewoners vroeg
Ook participatie speelt een belangrijke rol in de snelheid van projecten. Veel vertraging ontstaat wanneer bewoners of andere belanghebbenden pas laat bij een project worden betrokken. Bezwaren komen dan pas naar voren wanneer plannen al vergevorderd zijn, waardoor procedures opnieuw moeten worden doorlopen. Door omwonenden en andere stakeholders al vroeg in het proces te betrekken, kunnen zorgen en vragen eerder worden besproken. Dat vergroot niet alleen het draagvlak, maar verkleint ook de kans op langdurige bezwaarprocedures.
Standaardisatie versnelt uitrol
Naast samenwerking en participatie speelt ook standaardisatie een belangrijke rol. In veel energieprojecten wordt nog steeds veel maatwerk toegepast. Dat kan nodig zijn, maar kost ook tijd. Door vaker gebruik te maken van gestandaardiseerde oplossingen kan de voorbereiding sneller verlopen. Denk aan standaardcontracten, herbruikbare technische ontwerpen of modulaire systemen. In sommige energieprojecten leidde dit tot een realisatie die vele malen sneller ging dan bij eerdere projecten.
