Vlaanderen: Warmtenetten, de cijfers

Geplaatst op 05-03-2021 door Stichting Warmtenetwerk

De VREG, de Vlaamse regulator voor de energiemarkt, publiceerde in juni 2020 een eerste rapport over warmtenetten in Vlaanderen: waar liggen ze, welke categorieën zijn er, wie beheert ze. Aanvullende informatie over warmtenetten staat in een recent rapport over de nieuwe Vlaamse warmtekaart. 

 

Eerste Warmtenetrapport van regulator VREG

De groeiende interesse voor warmtenetten in Vlaanderen maakte een duidelijk regelgevend kader noodzakelijk. Dat werd op 1 april 2019 van kracht, via het Vlaamse Energiedecreet en het bijhorende Energiebesluit. Daarin krijgt de VREG ook een aantal taken en bevoegdheden als regulator voor de warmtemarkt.

In haar eerste Warmtenetrapport geeft de VREG een overzicht van die taken en de activiteiten in het voorbije jaar. Het rapport overloopt de voornaamste thema’s in de regelgeving voor warmtenetten. En het presenteert ook de gegevens van de 56 aangemelde warmtenetten (een verplichting in de regelgeving): waar liggen ze, tot welke categorie behoren ze en wie beheert ze. 

De VREG stuurde daarvoor een marktbevraging uit naar alle beheerders van warmtenetten. De verwerkte cijfers geven een overzicht van de geleverde energie in Vlaamse warmtenetten in 2018 en 2019. Niet alle bekende warmtenetten hebben deze cijfers ingestuurd, omdat sommige pas in de loop van 2018 of 2019 in werking kwamen. 

 

Categorieën warmtenetten

De statistieken van de VREG verdelen de warmtenetten in vier categorieën (zie tabel 1).

 

Aantal warmtenetten in categorieën

Een kleine helft van de 56 aangemelde netten zijn residentiële netten (24 netten of 43%). De overige netten leveren warmte aan de industrie, de dienstensector of publieke gebouwen. 
(Grafiek 1)

 

Warmtegebruik per categorie

Grafiek 2 toont aan dat warmtenetten in Vlaanderen in het jaar 2019 een totaal van 316,5 GWh aan warmte leverden. Ter vergelijking: in Denemarken, met een vergelijkbaar aantal inwoners als Vlaanderen, bedroegen de totale warmteleveringen 106 742 GWh in 2018 – dat is ruim 300 keer meer als in Vlaanderen…

In relatieve cijfers vertaald, vertegenwoordigen drie categorieën warmtenetten (industrieel, residentieel en “diensten & publiek) elk ongeveer een derde van de totale geleverde warmte in 2019. Kleine residentiële warmtenetten staan in voor slechts 1% van de warmteleveringen. Ook de leveringen aan woningen in de grotere residentiële warmtenetten namen in 2019 een bescheiden plaats in, namelijk 13,69 GWh op een totaal van 316,5 GWh – dat is ongeveer 4%.

 

Warmtelevering per categorie

Het kleine aantal huishoudelijke warmteklanten wijst erop hier nog een grote inhaalslag nodig is om bestaande woningen en appartementen aan te sluiten. (Grafiek 3)

 

Meer informatie:

 

Tabellen en Grafieken:

  1. Tabel 1, Categorieën Warmtenetten.

  2. Grafiek 1, Aantal warmtenetten in categorieën.

  3. Grafiek 2, Warmtegebruik per categorie.

  4. Grafiek 3, Warmtelevering per categorie.

 

 

Vlaamse warmtekaart en warmterapport van VEKA

 

Om te voldoen aan de Europese verplichtingen in de Energie Efficiëntie Richtlijn en de Hernieuwbare Energie Richtlijn moet elke lidstaat eind 2020 nationale cijfers en plannen rapporteren over warmte en koude. Concreet moeten de lidstaten een potentieelanalyse uitwerken en hun visie presenteren over de beleidsinstrumenten om dit te realiseren. Een van de belangrijkste verplichtingen is de oplevering van een warmtekaart met aanbod en vraag van warmte. In de federale Belgische staat is dit een taak voor de gewesten. 

 

Nieuwe Vlaamse warmtekaart
Een eerste Vlaamse warmtekaart dateert al van eind 2015, met cijfergegevens uit 2012. In 2020 hebben onderzoekscentrum Vito en distributienetbeheerder Fluvius een nieuwe warmtekaart uitgewerkt. Enkele leden van Warmtenetwerk Vlaanderen hebben dit proces in goede banen (be)geleid via hun expertise in de stuurgroep. Op de nieuwe kaarten met data uit 2019 zal het detailniveau voor de kartering van de warmtevraag veel hoger liggen, tot op segmenten van alle straten in Vlaanderen. Met deze bruikbare cijfers kunnen lokale besturen, projectontwikkelaars en andere stakeholders concreet aan de slag voor bijvoorbeeld het opstellen van lokale warmtezoneringsplannen. De nieuwe kaarten zullen binnenkort publiek beschikbaar komen op het geoportaal van Geopunt Vlaanderen, en de gegevens zullen downloadbaar zijn van deze website.

 

Cijfers over bestaande en geplande warmtenetten
Begin januari 2021 heeft het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA), de gewestelijke administratie, een rapport gepubliceerd over deze warmtekaart. In bijlage 2 staat een uitgebreide tabel met details over de Vlaamse warmtenetten, zowel over de bestaande als de geplande projecten. Ook hele kleine warmtenetten op schaal van een collectief woonproject zijn opgenomen. De exacte warmteleveringen staan wegens privacy beperkingen niet in de tabel, wel een indicatieve grootte-orde. Van elk warmtenet toont de tabel ook de sleuflengte – dat is voor alle duidelijkheid de enkelvoudige afstand die het warmtenet aflegt (en waarvoor ooit een “sleuf” gegraven is). 

In vergelijking met de 56 warmtenetten in het VREG-rapport van juni 2020 inventariseert dit nieuwere rapport 58 warmtenetten, met een totale sleuflengte van 92 kilometer. En de planning van nieuwe projecten is gekend door hun goedgekeurde aanvraag van overheidssubsidie in de call groene warmte. Nog eens 15 nieuwe warmtenetten en 25 nieuwe uitbreidingen van bestaande netten komen eraan, een forse groei van het totale aantal met 69%.


Potentieel en kostenbatenanalyse
Vito rekende op basis van de gedetailleerde warmtecijfers in het rapport ook acht scenario’s door om het potentieel voor warmtenetten in 2050 in te schatten. De berekening laat drie parameters variëren (“hoog” of “laag”): 

  • de beschikbaarheid van restwarmte in een straal van 5 km, bepaald door het aantal naburige bedrijven met een hoge warmtevraag (in de veronderstelling dat daarbij restwarmte vrijkomt). 

  • de investeringskost van een warmtenet: 1000 € per meter sleuflengte (laag) of 2000 €/m

  • brandstofprijzen: 40€/MWh of 66€/MWh voor aardgas, 37€/MWh of 57€/MWh voor stookolie. 

Uit elk scenario komen vijf resultaten die het potentieel voor warmtenetten uitdrukken: het aantal kilometer warmtenet (sleuflengte), het aandeel van regio’s waarin de netto contante waarde positief is (dus economisch rendabel), het aandeel in de totale Vlaamse warmtevraag, de investering in economisch rendabele projecten en de vermeden CO2-uitstoot.

De resultaten staan in de tabel hieronder. Het potentieel voor warmtenetten in Vlaanderen varieert tussen 13% en 52% van de (gereduceerde) warmtevraag in 2050. Het hoogste economisch rendabele potentieel zit zoals verwacht in het scenario met veel beschikbare restwarmte, relatief lage aanlegkosten en hoge fossiele brandstofprijzen.

Scenario

Beschikbare restwarmte

Kost warmtenet

Tarief fossiele brandstof

Aantal km warmtenet

% regio’s met NCW >0

% warmte- vraag met NCW>0

Kapitaalinvestering (miljard €)

Potentieel jaarlijks vermeden uitstoot

(Mton CO2)

1

hoog

laag

laag

5755

9%

31%

9,7

5,9

2

laag

laag

laag

3090

5%

19%

5,5

3,6

3

hoog

hoog

laag

3217

4%

21%

6,5

4,0

4

laag

hoog

laag

1655

2%

13%

3,8

2,4

5

hoog

laag

hoog

11802

23%

52%

25,1

9,7

6

laag

laag

hoog

5886

11%

32%

12,2

5,9

7

hoog

hoog

hoog

7530

12%

38%

20,1

7,2

8

laag

hoog

hoog

4311

7%

25%

11,5

4,7

 

Dit potentieel is een voorzichtige inschatting, omdat het alleen naar restwarmte kijkt als warmtebron. De inschakeling van lagetemperatuurbronnen zoals ondiepe of diepe geothermie en aquathermie kunnen dit potentieel zeker nog opkrikken.

En hoe zit het met warmtenetten in het Waals gewest? De verplichte rapportering en warmtekaart zijn daar nog niet afgerond, volgens de Waalse overheidsdienst Energie (SPF Energie) zal dat nog enkele maanden duren.

 

Meer info: Warmte in Vlaanderen rapport 2020

Auteur:
Jo Neyens (Wamtenetwerk Vlaanderen) - www.warmtenetwerk.be

Lees ook onze andere berichten